Blogs

  • 20 mei 2020

    Na Omgevingswet ook inwerkingtreding Wet kwaliteitsborging voor het bouwen uitgesteld

    In het kielzog van de Omgevingswet is ook de beoogde invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) op 1 januari 2021 uitgesteld. Dat schrijft minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in haar brief van 17 april jl. aan de Tweede Kamer. De voorbereidingen voor deze wet - dat als doel heeft de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborger - gaan echter onverminderd door. In dit blog praten we u graag bij.

    Lees ook ons eerdere blog met een beschouwing van de Wkb, waarin wij onder meer ingaan op de versterkte rechtspositie van opdrachtgevers bij hun aansprakelijkheid voor gebreken in het opgeleverde werk.

     

  • 19 mei 2020

    Doorkruisingsleer voorkomt dat Belastingdienst schadevergoeding van frauderende belastingadviseur krijgt

    Op 15 mei 2020 heeft de Hoge Raad een interessant arrest gewezen over de doorkruisingsleer (ECLI:NL:HR:2020:890). Het arrest laat zien dat toepassing van de doorkruisingsleer genuanceerde materie betreft en voor lastig voorspelbare uitkomsten kan zorgen. De (mogelijke) toepassing van de doorkruisingsleer is in de praktijk veelvuldig aan de orde. Zowel overheden als burgers of ondernemingen die met de overheid te maken hebben, lopen hier tegenaan. Dit arrest biedt hen dan enige houvast.

    In dit arrest kwam de vraag aan de orde of de Staat in een civiele procedure de extra kosten die zijn ontstaan door het opzettelijk doen van onjuiste belastingaangiften kan verhalen op de verantwoordelijke belastingadviseur. De Staat haalt bakzeil. Als onrechtmatig jegens de overheid wordt gehandeld, kan zij proberen de kosten die door haar zijn gemaakt om de gevolgen van het onrechtmatig handelen ongedaan te maken door middel van een vordering uit onrechtmatige daad op een burger te verhalen. In beginsel bestaat daartegen geen bezwaar. Dat is anders als er een bijzondere publiekrechtelijke regeling voor kostenverhaal bestaat die kostenverhaal uitsluit.

    Daarnaast kan privaatrechtelijk kostenverhaal niet zijn toegestaan als dat kostenverhaal de publiekrechtelijke regeling op onaanvaardbare wijze doorkruist. Een belangrijke aanwijzing hiervoor bestaat als in de publiekrechtelijke regeling kostenverhaal langs publiekrechtelijke weg is uitgesloten (HR 11 december 1992, NJ 1994/639 (Bluskosten Vlissingen)). In dit blog ga ik verder in op het arrest van15 mei 2020 en de doorkruisingsleer.

  • 07 mei 2020

    Spoedwet maakt digitale besluitvorming door gemeenten, provincies en waterschappen  mogelijk

    Sinds 9 april 2020 is de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming van kracht (Stb. 2020, 113). Op basis van deze tijdelijke spoedwet kunnen gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van waterschappen tijdelijk rechtsgeldige besluiten nemen via een digitale vergadering. Hoewel fysieke vergaderingen niet verboden zijn, is de roep om digitaal te kunnen vergaderen echter sterk nu de gezondheidsrisico’s en de richtlijnen van het RIVM dwingen tot het houden van afstand. Waar digitale besluitvorming eerder niet mogelijk was, biedt de spoedwet tot 1 september 2020 hiertoe wel de mogelijkheid. De spoedwet kan met periodes van maximaal twee maanden worden verlengd. In deze bijdrage wordt ingegaan op de positie van de gemeenteraden.
  • 07 mei 2020

    Schijnleveringszekerheid in Warmtewet 2?

    Dit blog is tevens gepubliceerd als opinie in Energeia op 6 mei 2020. Het volledige artikel is hier te lezen.

    Minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes wil in de aanstaande ‘Warmtewet 2’ de eisen voor de leveringszekerheid van collectieve warmtesystemen aan scherpen. Ter motivering verwijst hij naar recente voorvallen die duidelijk hebben gemaakt dat de huidige regels voor leveringszekerheid en betrouwbaarheid zich vooral richten op acute potentiële noodsituaties en vrijwel niet op preventie.

    Dit schrijft de Minister in een brief aan de Tweede Kamer over de contouren van Warmtewet 2, de opvolger van de huidige Warmtewet. Volgens deze Kamerbrief gaan de gemeenten warmtebedrijven aanwijzen, die binnen een afgebakende warmtekavel integraal verantwoordelijk worden voor de aanleg en exploitatie van collectieve warmtesystemen. Wiebes lijkt hiermee een schijnleveringszekerheid te creëren.

  • 01 mei 2020

    De aanbestedingsplicht van warmtenetten en Warmtewet 2

    Recent heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam haar visie op de warmtetransitie aan de gemeenteraad aangeboden. Elke gemeente in Nederland zal uiterlijk in 2021 een warmtetransitievisie moeten presenteren. Uit deze visie zal onder meer moeten blijken op welk moment, welke wijk in de betreffende gemeente van het aardgas afgaat en welk duurzame alternatief dan de beste optie is. Vooruitlopend daarop zijn al veel gemeenten aan de slag gegaan met (het plannen van) het (laten) aanleggen van warmtenetten, waardoor warmte in plaats van gas ter verwarming van woningen en/of gebouwen in een bepaalde regio of wijk kan worden verbruikt. Wettelijk is de levering van warmte geregeld in de Warmtewet en valt de inkooptransactie van de realisatie en exploitatie van het warmtenet onder meer onder het regime van de Aanbestedingswet 2012.
  • 20 april 2020

    Lage tarief overdrachtsbelasting van toepassing op voormalige militaire kazerne: uitleg van het ‘woonbegrip’

    Kan een oude militaire kazerne die oorspronkelijk gebouwd is om militairen te huisvesten als een woning worden aangemerkt voor de overdrachtsbelasting of moet deze worden aangemerkt als een andere onroerende zaak? Over deze vraag moest de Rechtbank Den Haag zich recent buigen. De rechtbank oordeelt in deze uitspraak dat het om een woning gaat (ECLI:NL:RBDHA:2020:3026). Het gevolg daarvan is dat het lage tarief voor de overdrachtsbelasting (2%) van toepassing is. Dat is het tarief dat voor woningen geldt, terwijl voor alle andere onroerende zaken een tarief van 6% van toepassing is (artikel 14, eerste en tweede lid Wet op belastingen van het rechtsverkeer (Wrb)). Met deze uitspraak heeft de rechter meer duidelijkheid verschaft over de wijze waarop het woningbegrip uit de Wrb moet worden uitgelegd.

  • 06 april 2020

    Naleving van het omgevingsrecht na een faillissement

    Niemand kan precies voorspellen hoe de economie zich de komende periode zal ontwikkelen. Hoewel het gelet op de steunmaatregelen van de Rijksoverheid hopelijk niet nodig is, doen overheden (gemeenten, provincies en omgevingsdiensten) er verstandig aan om alvast te anticiperen op mogelijke faillissementen van bedrijven. Bijvoorbeeld waar het de naleving van omgevingsrechtelijke regelgeving betreft. In geval van een eventueel faillissement zal immers ook aan omgevingsrechtelijke regelgeving moeten worden voldaan: naleving van wet- en regelgeving is namelijk in het algemeen belang. Door hierop te anticiperen kan - als sprake is van een faillissement- snel, effectief, rechtstatelijk en proportioneel worden opgetreden.
  • 02 april 2020

    Aanbesteden in tijden van de Covid-19 crisis

    Als overheidsinkoper van een aanbestedende dienst kunt u in deze tijden van crisis wellicht in de knel komen met het tijdig sluiten van een aanbestedingsplichtig contract. Er kan immers sprake zijn van dwingende spoed bij een inkooptransactie, al dan niet ter bestrijding van de crisis, waardoor vanwege de verplichte termijnen een reguliere procedure niet kan worden doorlopen. Ook kan een aanbestedingsprocedure door Covid-19 verstoorde productieketens tot een laag marktaanbod en aldus tot geen of beperkte mededinging leiden.

    Om deze problematiek het hoofd te bieden heeft de Europese Commissie gisteren (1 april 2020) de Richtsnoeren betreffende het gebruik van overheidsopdrachten in tijden van de Covid-19 crisis (hierna: ‘de Richtsnoeren’, te raadplegen via Richtsnoeren) gepubliceerd. Het aanbestedingsrecht en de Richtsnoeren bieden u als overheidsinkoper alle mogelijkheden om in tijden van crisis een rechtmatig inkoopbeleid te voeren.