Noot bij Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 18 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2760

Auteur

mr. R. Olivier

Verschenen in

Jurisprudentie Milieurecht (JM), februari, afl. 2, JM 2021/26

Rechtsgebied Bestuursrecht
Titel Noot bij Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 18 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2760 (Een natuurvergunning voor een veehouderij wordt geacht tevens te zijn verleend voor de daarmee gepaard gaande verkeersbewegingen)

 

De Afdeling is van oordeel dat het college van de gedeputeerde staten van Overijssel bij het besluit op bezwaar de weigering om handhavend op te treden tegen de bedrijfsactiviteiten terecht in stand heeft gelaten. Op het moment waarop dat besluit werd genomen, bestond voor handhavend optreden geen grond omdat voor die activiteiten een vergunning op grond van art. 2.7 lid 2 Wnb was verleend.
Een natuurvergunning wordt verleend voor een project. Bij de verlening van een Wnb-vergunning voor een dergelijk project moeten alle gevolgen van dat project voor Natura 2000-gebieden worden beoordeeld. Een natuurvergunning voor een veehouderij wordt geacht tevens te zijn verleend voor de daarmee gepaard gaande verkeersbewegingen. De beoordeling van de vraag of al dan niet een onvolledige vergunning is verleend, hoort dan ook in die procedure thuis.

Download uitspraak