Noot bij Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 4 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:683 (Het moment van het opstellen van de passende beoordeling is het peilmoment voor de referentiesituatie)

Auteur

mr. R. Olivier

Verschenen in

Jurisprudentie Milieurecht (JM), juli, afl. 7, JM 2020/99

Rechtsgebied Bestuursrecht
Titel Noot bij Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 4 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:683 (Het moment van het opstellen van de passende beoordeling is het peilmoment voor de referentiesituatie)

 

De raad van de gemeente Beverwijk heeft het bestemmingsplan ‘Wijk aan Zee/Beverwijk’ vastgesteld. Het plan beoogt te voorzien in de herontwikkeling voor de kern Wijk aan Zee en het nabijgelegen strand. De raad heeft een passende beoordeling laten opstellen van de gevolgen van de stikstofdepositie die de ontwikkelingen die het plan mogelijk maken, met zich brengen. De Afdeling oordeelt dat een passende beoordeling moet worden gemaakt als een plan significante gevolgen kan hebben voor Natura 2000-gebieden. Dat is het geval als een plan voorziet in ruimtelijke ontwikkelingen die ten opzichte van de referentiesituatie significante gevolgen kunnen hebben. Onder referentiesituatie wordt de feitelijk, planologisch legale situatie voorafgaand aan de vaststelling van het plan verstaan. Dat de raad voor het peilmoment van die situatie het moment van het opstellen van de passende beoordeling heeft gekozen, acht de Afdeling niet in strijd met het recht. Daarbij betrekt de Afdeling dat niet gebleken is dat in de periode tussen het maken van de passende beoordeling en het vaststellen van het plan andere stikstof veroorzakende activiteiten zijn ontplooid op het perceel waarop de school stond.


Download artikel