Gebrekkig binnenklimaat (revisited): is het nog steeds altijd te koud of te warm in het gehuurde?

Auteur

mr. S.M. van de Pest

Verschenen in

Tijdschrift voor Huurrecht Bedrijfsruimte (TvHB), april 2019, Afl. 2, TvHB 2019/2

Rechtsgebied Huurrecht
Titel Gebrekkig binnenklimaat (revisited): is het nog steeds altijd te koud of te warm in het gehuurde?

 

In het najaar van 2011 verscheen in dit tijdschrift een artikel van mijn hand met de titel ‘Altijd te koud of te warm in het gehuurde? Gebrekkig binnenklimaat en de mogelijkheid van exoneratie.’ In het artikel stond de vraag centraal wanneer een slecht binnenklimaat een gebrek in de zin van art. 7:204 lid 2 BW oplevert. En indien sprake is van een gebrek of verhuurder zich kan exonereren voor de gevolgen daarvan. Sindsdien zijn er talloze uitspraken gewezen over, samengevat, een gebrekkig binnenklimaat. Zowel bij de verhuur van woonruimte als van bedrijfs- en kantoorruimte. Een goed functionerend klimaatsysteem is van grote invloed op het huurgenot van huurders en het ontbreken daarvan kan zelfs negatieve gevolgen hebben voor bijvoorbeeld de omzet van huurders. Door de klimaatdoelstellingen van de rijksoverheid staat verduurzaming van het vastgoed hoog op de agenda van verhuurders. Dit leidt tot meer alternatieve methoden van verwarmen en koelen van gebouwen en daarmee ontstaan nieuwe juridische uitdagingen. De Warmtewet is een voorbeeld waarvan de introductie tot onduidelijkheden heeft geleid met een wetswijziging tot gevolg. In de afgelopen jaren is ook regelmatig geprocedeerd over de vraag of zonnepanelen op daken van gebouwen of in zonneparken roerend of onroerend zijn. Dit is onder meer van belang voor de vraag of de exploitatiekosten van zonnepanelen door verhuurders mogen worden doorbelast via de servicekosten of deel moeten uitmaken van de huurprijs. In dit artikel zal ik een update geven van de stand van de jurisprudentie over de vragen wanneer sprake is van een gebrek en zo ja, of verhuurders zich daarvoor kunnen exonereren. Met de aantrekkende woning- en kantorenmarkt in combinatie met het gebruik van nieuwe duurzame methoden van verwarming en verkoeling van gebouwen, zijn deze vragen bijzonder actueel en relevant voor de huurpraktijk.

Download artikel