Noot bij EHRM 16 januari 2018, ECLI:CE:ECHR:2018:0116DEC002261215 (Onteigening, Belastingheffing over schadeloosstelling)

Auteur mrs. J.A.M.A. Sluysmans & B.T. Tonino
Verschenen in Sdu European Human Right Cases (EHRC), 2018, Afl. 2018, EHRC 2018/98
Instantie Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Rechtsgebied Grondverwerving en grondexploitatie
Titel Noot bij EHRM 16 januari 2018, ECLI:CE:ECHR:2018:0116DEC002261215 (Onteigening, Belastingheffing over schadeloosstelling)

 

Klagers zijn eigenaren van percelen grond die door de Italiaanse overheid zijn aangewezen voor de ontwikkeling van sociale woningbouw. Dientengevolge zijn de percelen onteigend en zijn klagers gecompenseerd in hun schade. Klagers betogen bij het Hof dat het recht op eigendom van art. 1 EP EVRM is geschonden. Zij leggen aan die klacht ten grondslag dat bij de vaststelling van de schadeloosstelling ten onrechte geen rekening is gehouden met de inflatie en de wettelijke rente. Ook is volgens klagers de schadeloosstelling ontoereikend, omdat de schadeloosstelling is verminderd met een belastingheffing van 20 procent.

Het Hof acht de klacht op het element van inflatie en rente niet-ontvankelijk, omdat klagers de nationale rechtsmiddelen niet hebben uitgeput. Ten aanzien van de belastingheffing acht het Hof de klacht kennelijk ongegrond. Het Hof bepaalt dat Italië een ruime ‘margin of appreciation’ toekomt ten aanzien van het nemen van fiscale maatregelen in onteigeningsprocedures. De ‘fair balance’ tussen het algemeen en individuele belang is niet geschonden.

Download artikel