Nieuws

  • 06 december 2016

    Vrijheid om huisarts niet toe te laten tot waarnemingsdiensten

    De Hoge Raad maakt in zijn arrest van 28 oktober 2016 (ECLI:NL:HR:2016:2445) duidelijk dat huisartsencoöperaties in beginsel vrij zijn de belangen van hun patiënten de doorslag te geven bij de beslissing om iemand als waarnemer te accepteren. Zij mogen voorts zelf bepalen welke betekenis een tuchtrechtelijk gegrond bevonden klacht heeft voor hun bereidheid om een arts (weer) als waarnemer in te schakelen.

  • 06 december 2016

    Vernietiging enkelbestemming wonen leidt niet automatisch tot vervallen dubbelbestemming cultuurhistorie

    In deze uitspraak van 9 november 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:000) oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak dat de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorie' is blijven gelden, ondanks het feit dat de enkelbestemming 'Wonen' vernietigd is. De dubbelbestemming heeft niet een zodanige functionele samenhang heeft met de woonbestemming dat zij zonder laatstgenoemde bestemming zinledig wordt. Het bouwplan dat voorziet in het bouwen van zes woningen is daarom in strijd met de (resterende) dubbelbestemming verleend.

  • 24 november 2016

    PGS 6 ‘Aanwijzingen voor de implementatie van het Brzo 2015’ gepubliceerd

    Na het verschijnen van het Brzo 2015 en bijbehorende Regeling is hard gewerkt aan de herziening van PGS 6. De nieuwe vesie van PGS 6 is gereed en is te downloaden op de website van PGS.

  • 24 november 2016

    Mededingingsruimte en een passende mate van openbaarheid bij schaarse vergunningen vereist

    In deze uitspraak van 1 november 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2927) formuleert de Afdeling bestuursrechtspraak enkele algemene eisen waaraan een wettelijk stelsel moet voldoen dat voorziet in schaarse vergunningen. Het uitgangspunt daarbij is dat potentiële aanvragers met het oog op het gelijkheidsbeginsel tot op zekere hoogte gelijke kansen moeten worden geboden bij het verkrijgen van zo'n schaarse vergunning. De mededingingsruimte mag worden beperkt, maar niet zo ver dat die volledig wordt uitgesloten. Bovendien moet een passende mate van openbaarheid verzekerd zijn, inhoudende dat voldoende kenbaar wordt gemaakt dat de vergunning beschikbaar is, hoe de vergunningen zullen worden verdeelt, wat daarbij de criteria zijn en wanneer de vergunning kan worden aangevraagd. Het bestuur moet hierover tijdig voorafgaand aan de start van de aanvraagprocedure duidelijkheid scheppen.

  • 24 november 2016

    Algemene positieve ruimtelijke effecten zijn geen bijzondere omstandigheden als bedoeld in art. 4.1a Wro

    In deze uitspraak van 5 november 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2651) oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak dat het college van gedeputeerde staten van de provincie Groningen onterecht ontheffing heeft verleend van de provinciale omgevingsverordening ten behoeve van de vestiging van een 'wereldbazar', omdat die ontheffing slechts is onderbouwd door in algemene zin te wijzen op de positieve ruimtelijke effecten daarvan. Daarmee is niet voldaan aan de strenge voorwaarden die op grond van art. 4.1a Wro in de omgevingsverordening aan het verlenen van de ontheffing zijn gesteld. Hoewel de omgevingsverordening inmiddels is aangepast en nog slechts beperkingen stelt aan het vestigen van een zogenoemd factory outlet center, kunnen de rechtsgevolgen van het bestemmingsplan niet in stand worden gelaten. De bestemmingsplanregeling is namelijk dusdanig ruim, dat niet is uitgesloten dat de wereldbazar de vorm aanneemt van een factory outlet center.

  • 07 november 2016

    Hoge Raad: gemeente niet aansprakelijk voor schade na val over elektriciteitskabels

    De Hoge Raad heeft in zijn uitspraak van 7 oktober 2016 (ECLI:NL:HR:2016:2283) geoordeeld dat de gemeente niet aansprakelijk is voor de schade die een inwoner heeft geleden doordat zij struikelde over elektriciteitskabels. 

  • 07 november 2016

    Herhaalde overtreding van artikel 18i lid 2 Wmm leidt niet zonder meer tot stilleggingsbevel

    De Afdeling heeft in haar uitspraak van 19 oktober 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2735) geoordeeld dat in geval van herhaalde overtreding van artikel 18i lid 2 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (hierna: Wmm) niet zonder meer volgt dat in geval van herhaalde overtreding van artikel 18a lid 2 Wmm zonder belangenafweging zowel een boete als een stilleggingsbevel kan worden opgelegd.

  • 07 november 2016

    Groen licht voor tracébesluit Zuidelijke Ringweg Groningen

    Het project 'Zuidelijke Ringweg Groningen fase 2' kan worden uitgevoerd. Dat heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bij uitspraak van 19 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2753, bepaald in een einduitspraak. Met het tracébesluit wil de minister van Infrastructuur en Milieu het bestaande tracé van de Zuidelijke Ringweg aanpassen. De minister wil met de aanpassing van de Zuidelijke Ringweg de bereikbaarheid van de regio Groningen verbeteren en de verkeersveiligheid bevorderen. Een deel van de Zuidelijke Ringweg wordt verdiept aangelegd. Over het verdiepte deel komen 'deksels', waarop een nieuw groen gebied wordt aangelegd: het Zuiderplantsoen. Tegen het tracébesluit waren diverse bezwaarmakers in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak, waaronder de Stichting Leefomgeving Zuidelijke Ringweg Groningen. 

  • 07 november 2016

    Verzuim om belanghebbende uitnodiging toe te sturen voor de zitting levert een vernietigingsgrond op

    In haar uitspraak van 26 oktober 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2837) heeft de Afdeling geoordeeld dat het gegeven dat een belanghebbende partij geen uitnodiging heeft ontvangen voor de zitting bij de rechtbank in strijd is met artikel 8:56 Awb en een reden is om de uitspraak van de rechtbank te vernietigen.

  • 07 november 2016

    Civiele procesbevoegdheid uitsluitend voor natuurlijke personen en rechtspersonen

    Als hoofdregel geldt dat alleen natuurlijke personen en rechtspersonen als civiele procespartij kunnen optreden. Er valt hierop enkel een uitzondering te maken als er daartoe een bijzondere grond bestaat. Voor het aannemen van procesbevoegdheid is ontoereikend dat de wet het orgaan vertegenwoordigingsbevoegdheid toekent, al dan niet in rechte.