Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelt prejudiciële vragen over het PAS aan het Hof van Justitie

De PAS-partijen (ministeries EZ, I&M, Defensie en provincies) hebben gezamenlijk besloten dat er momenteel geen ontwerpbesluiten en ontwerp vvgb's (verklaring van geen bedenkingen) met een toename van stikstofdepositie en toekenning van ontwikkelingsruimte op grond van de Wet natuurbescherming, onderdeel Natura 2000, meer worden afgegeven.

Als reden wordt de voorbereiding van de komende actualisatie in het kader van het PAS gegeven, maar mogelijk zijn ook de tussenuitspraken van de Raad van State van 17 mei 2017 over het PAS aanleiding voorlopig geen nieuwe besluiten te nemen. In deze uitspraken heeft de Raad van State prejudiciële vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie. Op 15 juni 2017 vindt hierover verdere besluitvorming door de PAS-partijen plaats. 

Met de hiervoor genoemde prejudiciële vragen beoogt de Afdeling duidelijkheid te krijgen over de vraag of het PAS in lijn is met de Habitatrichtlijn. De Afdeling heeft het Hof van Justitie verzocht de vragen met voorrang te behandelen. Verder heeft de Afdeling geen voorlopige voorziening getroffen voor de natuurvergunningen die gebaseerd zijn op het PAS.

De prejudiciële vragen zijn gesteld in twee uitspraken:

ABRvS 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1259 (natuurvergunning voor veehouderijen) 

ABRvS 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1260 (beweiden en bemesten)