Een kijkje in de keuken: ervaringen van een beginnend advocaat-stagiaire

Na jaren studeren is hét moment daar. Het is 26 januari 2018, ik ben bij de Rechtbank Den Haag, zit in mijn toga tegenover drie rechters, een officier van justitie en een griffier, naast mij zitten zes andere advocaat-stagiairs in spe, op de eerste rij achter mij een trotse patroon en meteen daarachter meegekomen kantoorgenoten, vrienden en familie. De officier van justitie houdt zijn requisitoir en de voorzittend rechter leest de advocateneed voor: “Ik zweer of beloof getrouwheid aan de Koning, gehoorzaamheid aan de Grondwet, eerbied voor de rechterlijke autoriteiten, en dat ik geen zaak zal aanraden of verdedigen, die ik in gemoede niet gelove rechtvaardig te zijn". Toch wel spannend, zo’n beëdiging. De rechter noemt mijn naam, ik leg de eed af en ben daarmee opeens advocaat!

Dat was ruim drie maanden geleden. Momenteel draai ik volop mee in de advocatuurlijke bestuursrechtpraktijk van Van der Feltz advocaten en ben ik ondergedompeld in de wereld van bezwaarschriften, zienswijzen en beroepschriften. Het werkende leven went snel, mogelijk omdat ik tijdens mijn studie verschillende stages heb gelopen. In het begin kom je er al gauw achter dat de universiteit een goede basis biedt, maar dat je het in de praktijk pas allemaal echt leert. Bij Van der Feltz houd ik mij voornamelijk bezig met het ruimtelijke ordeningsrecht. Wat onze praktijk zo boeiend maakt is dat wij op kantoor ook veel civiel doen. In eenzelfde dossier kunnen wij een cliënt op beide vlakken van het recht bijstaan of adviseren. Wij staan zowel overheden als bedrijven en soms particulieren bij, waardoor je leert vraagstukken vanuit verschillende kanten te bekijken. Daardoor is geen dag hetzelfde, leer je snel schakelen wanneer er een spoedklus voorbij komt en krijg je bij een niche-kantoor als Van der Feltz al snel veel verantwoordelijkheden. Daarbij procederen wij veel. Dat is voor mij het klassieke beeld van de advocaat: pleiten ten overstaan van rechters.

Inmiddels ben ik volop bezig met de ruim drie jaar durende beroepsopleiding van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) en heb ik mijn vuurdoop in Woudschoten tijdens het introductieprogramma al gehad. Daar heb ik kennisgemaakt met mijn opleidingsgenoten en ben ik weer bekenden uit mijn studietijd tegengekomen. In Woudschoten hebben we het uitgebreid gehad over de ‘vijf kernwaarden van een advocaat’. Momenteel volg ik het vak Burgerlijk recht; de omkeringsregel bij causaal verband, buitencontractuele aansprakelijkheid, hoe zat het ook alweer?

Ik ben blij dat ik bij Van der Feltz advocaten de fijne kneepjes van het vak mag leren. Met een team van 17 gedreven advocaten wordt hard gewerkt maar wordt ook tijd gemaakt voor ontspanning en gezelligheid. Kantoorgenoten gaan er geregeld gezamenlijk op uit en er gaat geen vrijdag voorbij zonder borrel in de kantoorbar. Een kleinere organisatie maakt het verder ook mogelijk om eigen initiatieven te starten. Zo heb ik samen met mijn kantoorgenoot Delila de sportclub “Fit in je Feltz” opgezet, waarbij we wekelijks met kantoorgenoten een bootcamples volgen. Terugkijkend op de afgelopen paar maanden kan ik met overtuiging zeggen dat ik goed tot mijn recht kom binnen de mooie praktijk van Van der Feltz advocaten.

Auteur: Francine van Vlijmen